Hoe een ervaring op 6 jaar je leven kan domineren.

Vaak vraag je je soms af hoe mensen in de psychiatrie belanden of wanhoopsdaden uitvoeren. Vaak kennen we niet het volledig verhaal.
Dit artikel geeft een mooi beeld van hoe een samenleving je leven nog meer overhoop kan halen door een verschrikkelijke ervaring.

In één klap: Vrouw die als zesjarig meisje een fataal ongeluk veroorzaakte, kampt haar hele leven met de gevolgen

De juf zei: dat was heel dom van jou

Mary Mijnlieff (55) veroorzaakte als zesjarig meisje op de fiets een dodelijk ongeval. Haar ouders zwegen, in de kleine dorpsgemeenschap werd ze vogelvrij. Hoe onverwerkt trauma een levenslange straf werd.

Het verjaardagscadeau stond al in de garage op haar te wachten, had haar vader haar verzekerd, en op de ochtend van 14 augustus 1965 was Mary Mijnlieff door het dolle toen ze op haar allereerste, lichtblauwe fietsje klom. Vanaf die dag waren Mary en haar fiets onafscheidelijk – in de paadjes en straatjes van het autoluwe ‘Wim Sonnevelddorp’ Oostvoorne.

Een paar weken later ging het bijna mis, toen Mary op haar fiets plots het zebrapad op reed en de melkboer zo hard moest remmen dat er flessen sneuvelden. Ze hoort nog het glasgerinkel. Haar ouders vergoedden de schade, en Mary moest voortaan wat beter uitkijken, vonden ze. Maar op een namiddag eind september van dat jaar liep het niet goed af. Mary had op de tuinderij bij een buurmeisje gespeeld en stak fietsend de straat over, op weg naar huis. Misschien had ze de 55-jarige vrouw op de omafiets niet gezien, of had ze als zesjarig meisje niet geweten hoe ze het gevaar had moeten afwenden, maar de voorwielen raakten elkaar, de vrouw viel en haar hoofd raakte het asfalt.

“Mijn fiets was gevallen, ik zag het bloed uit haar hoofd stromen en door de schrik plaste ik in mijn broek. Ik wist niet wat ik moest doen, wilde alleen maar naar huis en rende zo hard als ik kon. Toen ik aankwam, was mijn moeder in de tuin met mijn broer en zus, de sirenes van de ziekenwagen klonken al in de verte. Met de schrik in haar ogen vroeg ze me: heb jij daar wat mee te maken?”

Mary had geknikt en haar moeder had de fiets gepakt om naar het ongeluk te gaan. ‘Pas op je broertje en zusje,’ had ze gezegd. Maar Mary stormde naar de zolder en kwam er die middag niet meer vandaan. Haar moeder zocht haar niet op, maar riep haar wel toen de deurbel was gegaan: er was een politieagent die haar wilde spreken. Mary weigerde. ’s Avonds kwam haar vader thuis, na een bezoek aan het ziekenhuis waar de vrouw in coma lag. “Ik weet nog hoe hij in de huiskamer stond, hij was krijtwit en zei dat het erg was.”

Het is alles wat er werd gezegd in het huis, die dag van het ongeluk, zover ze zich kan herinneren. “Mijn moeder kwam uit een krijgsmachtfamilie en als het om emotie ging, was mijn vader al helemaal geen prater. Als we er niet over de praten, dan is het er ook niet, vonden mijn ouders. Het leven moest doorgaan.”

De volgende dag ging ze, zoals gewoonlijk, in haar eentje naar de openbare school. Het ongeluk was als een lopend vuurtje door het dorp gegaan. Ze moest voor de klas komen vertellen wat er was gebeurd. “Toen ik klaar was, zei de juf: ‘Dat was heel, heel dom van jou’.”

Nu, op 55-jarige leeftijd, ziet ze hoe de gebeurtenissen in 1965 haar verdere leven hebben gedomineerd en uiteindelijk ‘een explosief in haar lichaam’ zijn geworden. “Het schuldgevoel was enorm. Mijn moeder heeft me wel eens gezegd dat het een ongeluk was, maar voor zo’n klein meisje is dat niet genoeg; ze zei ook dat ik niet had moeten weglopen.” Later vertelde haar moeder in de speelkamer dat de vrouw was overleden, en een zoon had achtergelaten.

Intussen was op school het pesten begonnen. Op de straathoek stonden kinderen die ‘ongeluk, ongeluk’ riepen, die haar uitscholden of juist negeerden en buitensloten. Haar kleren, haar voortanden, haar bril – niets was nog goed. De kleine gemeenschap van het dorp toonde zich al even onverdraagzaam. “Twee jaar later nog stond ik in een volle boekenwinkel, toen de vrouw achter de toonbank zei: ‘Jij bent toch dat meisje van het ongeluk?'”

Ze stapte over naar de christelijke school in het dorp, maar het was naïef te denken dat het pesten daarmee ophield. “Als je constant hoort dat je stom bent, blijft er weinig over van je zelfvertrouwen. Ik raakte zó verkrampt dat ik een prooi was en bleef.” Op de mavo werd het leven niet makkelijker, zeker niet toen ze uit verdriet steeds meer ging eten.

Ze verhuisde naar Amsterdam en werd kleuterleidster op de Willemsparkschool. Ze bleef opleidingen volgen in de stad en wisselde van banen, maar bleef ‘passief, gesloten en gespannen’ door haar verleden. In 1983 overleed haar vader aan een hersenbloeding, de ingrijpende gebeurtenissen van 1965 waren altijd onbesproken gebleven.

Mijnlieff schopte het in 1990 tot directeur van een basisschool in Hoofddorp, maar de druk en stress van de nieuwe baan brachten uiteindelijk de onvermijdelijke val. “Ik kon opeens helemaal niks meer. Ik had overal spierpijn, sliep niet meer, kon niet meer lezen, kon geluiden niet meer verdragen en huilde aan één stuk door.” Onderzoek leidde in maart 1992 tot opname in een psychiatrisch ziekenhuis. Medicatie werd noodzakelijk, ze kwam in de WAO en in de jaren daarna volgden nog enkele opnames. Pas de laatste jaren kwam de rust; door haar UvA-studie orthopedagogiek en de hulp van een psychotherapeut heeft ze nu weer een bescheiden praktijk als huiswerkbegeleider en biedt ze hulp bij rouwverwerking voor kinderen. “Ik kijk terug en ik zie een opstapeling – het ongeluk, het gebrek aan hulp, het pesten. Ik wil niet naar mensen wijzen, het was een andere tijd; Slachtofferhulp en kinderpsychologie zoals we die nu kennen, was er toen nog niet.”

Maar ze ziet nu wel wat kinderen met soortgelijke ervaringen nodig hebben. “Zij kunnen zulke situaties niet overzien, ze hebben ouders nodig die ze blijven uitleggen dat het een ongeluk was, dat ze er niets aan konden doen omdat ze de gevaren van het verkeer nog niet begrepen. Ik blijf het pijnlijk vinden dat mijn vader het nooit met mij heeft kunnen bespreken.”

In Amsterdam stapt ze ‘gewoon’ op de fiets voor de boodschappen. “Maar soms zie ik kleine kindjes alleen op de stoep fietsen en dan houd ik toch mijn hart vast.”

Schuldig zonder consequenties

Behalve de slachtoffers van verkeersongelukken helpt Slachtofferhulp Nederland ook de veroorzakers die niet strafrechtelijk worden vervolgd. “Voor veroorzakers kan een verkeers- of bedrijfsongeval even ingrijpend zijn als voor het slachtoffer,” zegt Dineke Peterse van Slachtofferhulp Nederland. Maandag zendt de NCRV de documentaire In één klap uit van Frans Bromet. Daarin komen vijf mensen aan het woord die een dodelijk ongeluk veroorzaakten. Peterse: “Anders dan daders krijgen veroorzakers meestal geen straf opgelegd. Dat maakt de verwerking extra lastig: ze voelen zich ontzettend schuldig, maar daar zijn geen consequenties aan verbonden.”

In de grofweg zes tot acht weken na de ingrijpende gebeurtenis kunnen mensen kampen met angstgevoelens, huilbuien, herbelevingsbeelden, gebrek aan concentratie of lichamelijke klachten als misselijkheid en spierspanning. “Normale reacties op een abnormale gebeurtenis. Veroorzakers hebben veelal baat bij lotgenoten- of herstelcontact met slachtoffer of nabestaanden.”

Slachtofferhulp kan niet precies zeggen hoe vaak kinderen veroorzaker zijn van een ernstig ongeval. “Gelukkig is er sinds de jaren zestig een hoop veranderd in de begeleiding na een ongeluk voor volwassenen én kinderen.” Peterse wijst op het bestaan van kinderpsychologen en -traumatologen, maar wat nooit verandert, is de sleutelrol voor ouders. “Als een kind iets ergs heeft meegemaakt, is het belangrijk om de dagelijkse structuur niet te doorbreken en zoiets vooral niet te verzwijgen. Het allerbelangrijkste: bied veiligheid. Door bijvoorbeeld het kind tegen je aan te drukken laat je merken dat de situatie niets heeft veranderd.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s