West-Vlaams

Laten we dit niet verloren gaan …

 Het West-Vlaams bevat veel invloeden uit het Picardisch, een Frans dialect, omdat de handel met Artesië in de middeleeuwen bloeide; Atrecht (Arras) maakte in de vroege middeleeuwen ook deel uit van het graafschap Vlaanderen en in de late middeleeuwen van De Nederlanden. Het West-Vlaamse dialect, vooral dat van de zo belangrijke handelsstad Brugge, heeft de eerste bijdrage geleverd aan de standaardisering binnen het Middelnederlands: uit de West-Vlaamse vormen weggevaagd en waagschaal ontwikkelden zich bijvoorbeeld weggeveegd en weegschaal, nu deel van de Nederlandse standaardtaal. Het West-Vlaams is het Nederlandse dialect dat het meest kenmerken van Middelnederlands overhoudt.

Hoewel het West-Vlaams grotendeels Nederfrankisch is, kent het ook veel ingveonismen. Deze hebben in het verleden aanleiding gegeven tot speculatie dat er sprake zou zijn van een Fries of Nedersaksisch substraat. Dat zou ook de zeer lastige vraag kunnen beantwoorden waarom er überhaupt een tweedeling bestaat tussen West-Vlaams en Oost-Vlaams: er blijkt geen enkele geografische of politieke reden voor te zijn. Sommigen hebben de mogelijkheid dat het West-Vlaams niet volledig Nederfrankisch is, als voldoende reden gezien om te spreken van een aparte taal. Dit wordt echter over het algemeen verworpen omdat er een dialectcontinuüm bestaat met het Oost-Vlaams. Bovendien is het Hollands, waarop de standaardtaal (samen met Brabants) gebaseerd is, evenmin geheel Nederfrankisch. Omdat het dialect zich na de late middeleeuwen anders ontwikkelde dan het Hollands en het Brabants, spreken sommigen op grond van de klankafwijkingen van een aparte taal.

Deze gedachtengang werd vooral onderschreven door de beweging van de West-Vlaamse taalparticularisten in de tweede helft van de negentiende eeuw. Zij verzetten zich tegen de invoering van het half joodsch, half heidensch Hoog-Hollandsch. Ze streden tegen de standaardisering van het Nederlands in België en voor het behoud van het Vlaams der Vaderen, in dit geval het West-Vlaams. De katholieken rond de dialectoloog De Bo en de dichter Guido Gezelle vreesden het binnendringen van het protestantisme via een Nederlandse standaardtaal.

De vorming van het Standaardnederlands ging wel door en de positie van de dialecten in het algemeen werd vooral op het einde van de twintigste eeuw zeer penibel. Onder meer door het sterk agrarische karakter en de perifere ligging van de streek wist het West-Vlaams, in tegenstelling tot andere dialecten, wél een comfortabele positie te behouden. Een enquête in 1993 naar de dialectkennis van studenten door het Institut für Deutsche und Niederländische Philologie van de Freie Universität van Berlijn gaf aan dat 88% van de West-Vlaamse studenten nog dialect sprak, tegenover bijvoorbeeld 62% voor Antwerpen en slechts 40% voor Limburg. (meer en bron)

ALLE VLAAMSE DIALECTEN vind je hier 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s